De Ontdekking van het Endocannabinoïde Systeem 

Het endocannabinoïde systeem (ECS) is de laatste jaren een fascinerend fysiologisch doel gebleken. Onderzoekers hebben de geassocieerde receptoren, liganden en enzymen van het systeem door het hele lichaam geïdentificeerd. Deze omvatten het immuunsysteem en het zenuwstelsel, maar ook de huid en de botten. Steeds vaker blijkt dat het ECS een fundamentele rol speelt in de menselijke fysiologie. Het helpt namelijk andere systemen in balans te houden. Dit noemen we 'homeostase'.

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat de modulatie van dit systeem met fytocannabinoïden (zoals CBD, CBN, etc.) veelbelovend is in meerdere contexten. Maar waar is dit allemaal begonnen?

Lees door en ontdek wie het ECS ontdekt heeft en wanneer men op dit belangrijke systeem stuitte.

De Ontdekking van het ECS

Het is interessant te weten dat cannabinoïden eerder zijn ontdekt dan het ECS. Deze moleculen waren in feite essentiële hulpmiddelen om dit homeostatische netwerk te onthullen. Men denkt dat de cannabinoïde CBN in de late 19e eeuw voor het eerst werd geïsoleerd. CBD en THC volgden halverwege de 20e eeuw. Pas decennia later bepaalden onderzoekers de exacte cellulaire mechanismen van deze cannabinoïden.

In de vroege jaren van het onderzoek naar cannabinoïden, stond THC in het spotlicht. Dit komt grotendeels door het psychoactieve effect. Het duurde niet lang voordat onderzoekers de hydrofobe aard van het molecuul ontdekten; het lost niet goed op in water. Dit leidde tot de hypothese dat THC een aantrekkingskracht heeft voor lichaamsvet. Waarschijnlijk oefende het een niet-specifieke actie uit in celmembranen in plaats van een directe werking op gespecialiseerde bindingsplaatsen.

Deze hypothese klonk logisch, maar werd al snel ontkracht. Na het doen van experimenten met synthetische analogen van THC, kwamen onderzoekers op het idee van "cannabinoïde" bindingsplaatsen.

In 1988 identificeerden wetenschappers de eerste, specifieke bindingslocatie van een THC-analoog met radioactief gemerkte moleculen. William Devane en zijn collega's van de afdeling Farmacologie van de St. Louis University Medical School voerden het experiment uit in rattenhersenen. Dit onderzoek maakte de weg vrij voor een andere studie. In de jaren 90 identificeerde Lisa Matsuda met haar team de CB1-receptor. Deze baanbrekende ontdekking deden ze door 'complementair' DNA te klonen waarin de G-proteïne-gekoppelde receptor werd gecodeerd.

De ontdekking van de CB2-receptor volgde snel. Sean Munro en collega's veronderstelden dat niet-psychoactieve cannabinoïden hun effecten moeten produceren via een andere, niet-geïdentificeerde cannabinoïde receptor. In 1993 meldde het team dat de CB2-receptor was gekloond. Ze merkten echter een gebrek aan receptorenexpressie in de hersenen op. In plaats daarvan vonden ze het voornamelijk in immuuncellen.

De ontdekking van deze moleculaire doelen is absoluut handig om het ECS te begrijpen. Maar hoe werkt het ECS eigenlijk? Het ECS bevat een eigen set signalerende moleculen, zogeheten endocannabinoïden. Dit werkt net als het endogene opioïde systeem, dat endorfine benut.

Lumir Hanus en collega-onderzoekers van de Hebrew University of Jerusalem ontdekten de eerste endocannabinoïde in 1992. Het team werkte nauw samen met Raphael Mechoulam, de man die THC isoleerde. Ze gebruikten massaspectrometrie en nucleaire magnetische resonantiespectroscopie. Daarmee identificeerden ze een molecuul dat ze 'anandamide' noemden. In het Sanskriet betekent dit 'gelukzaligheid'. Ze ontdekten dat anandamide functioneert als een natuurlijke ligand voor de CB1-receptor.

Pas in 1995 ontdekten wetenschappers de bindingsaffiniteit voor cannabinoïde receptoren van een eerder bekende molecule. Mechoulam en zijn team vonden dat 2-arachidonoylglycerol (2-AG) aan deze receptorplaatsen bindt. Ze bevestigden dat dit de op een na belangrijkste endocannabinoïde was. Sindsdien zijn er andere nieuwe endocannabinoïden ontdekt. Toch ligt de farmaceutische interesse nog steeds bij de eerste twee.

De Ontdekking is Slechts het Begin

Dankzij de ontdekking van belangrijke componenten van het endocannabinoïdesysteem is een nieuw paradigma ontstaan om de menselijke fysiologie en homeostase aan te pakken. Onderzoekers zoeken nu naar manieren om het ECS te stimuleren de endocannabinoïde signalering aan te passen in het voordeel van de mens.

Vanwege de ontdekking van het ECS zijn ook andere theorieën ontstaan. Denk aan klinische endocannabinoïddeficiëntie. Dit suggereert dat mensen een geschikte 'endocannabinoïde tonus' vereisen om optimaal te functioneren. Het is nog vroeg, maar het onderzoek naar het ECS en de chemische activatoren lijkt veelbelovend. Het lijdt geen twijfel dat er veel meer toekomstige ontdekkingen op stapel staan over het ECS.

Welk product heb ik nodig?
As Seen On: